Het alom in Nederland in de psychiatrische sector gebruikte handboek, de Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, Fifth Edition, Text Revision (DSM-5-TR) uit 2022, geeft voor iedere in de westerse wereld bekende psychische stoornis een aantal kenmerken, symptomen en signalen waaraan een patient moet voldoen voordat hem het etiket met een bepaalde stoornis kan worden opgeplakt.
Het is belangrijk om te begrijpen dat de DSM slechts handreikingen geeft voor het stellen van een diagnose en het heeft dus totaal niets te maken met (het voorstellen van) een medicatie of een behandelplan.
Voor het verkrijgen van de diagnose van een Paranoïde Persoonlijkheidsstoornis (PPD) moet een patiënt voldoen aan minimaal 4 van de 7 onder sectie A opgesomde symptomen:
A. Een diepgaand patroon van wantrouwen en achterdocht tegenover anderen, waarbij hun motieven consequent worden geïnterpreteerd als kwaadwillend. Dit patroon begint in de late adolescentie of vroege volwassenheid en komt tot uiting in verschillende contexten. De volgende kenmerken kunnen aanwezig zijn:
- Hardnekkige, niet door feiten ondersteunde verdenkingen dat anderen de persoon willen misleiden, uitbuiten of schade toebrengen;
- Een allesoverheersende overtuiging dat anderen niet te vertrouwen zijn, onbetrouwbaar handelen of niet in staat zijn tot echte loyaliteit
- Angst dat informatie tegen hem gebruikt zal worden, wat leidt tot uitgesproken terughoudendheid om zelfs onschuldige persoonlijke details te delen. Deze angst wordt aangetoond door een terughoudendheid om zelfs onschadelijke persoonlijke informatie met anderen te delen;
- Neiging om neutrale of onschuldige opmerkingen als vijandig, kleinerend of beledigend te interpreteren, of om alledaagse gebeurtenissen als bedreigend te zien.
- Langdurig wrok koesteren en moeite hebben met vergeven; gevoelens van wraakzucht kunnen jarenlang blijven bestaan. Mensen met PPD kunnen hun wraakzuchtige gevoelens langdurig koesteren;
- Snel boos of agressief reageren op vermeende aanvallen op het eigen karakter of de reputatie, waarbij de tegenreactie vaak impulsief en buiten proportie is;
- Terugkerende, ongefundeerde verdenkingen van seksuele ontrouw van de partner, wat kan leiden tot controlerend en jaloers gedrag zoals herhaaldelijk ondervragen (“Waar ben je geweest?”, “Bij wie was je?”), het verbieden van contact met vermeende rivalen, het controleren van telefoon, post of e‑mail, of het volgen van de partner. Het leven van de partner kan hierdoor sterk beperkt raken.
B. De symptomen treden niet uitsluitend op in het kader van schizofrenie, een bipolaire‑ of depressieve stoornis met psychotische kenmerken, of een andere psychotische stoornis, en zijn niet het gevolg van een somatische aandoening of middelengebruik.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten